Wat is een "klein ICT-projectje?
Een projectje is een kortdurende werkvorm waarmee de leerlingen -
hoofdzakelijk op het Internet - informatie opzoeken over een opgegeven
onderwerp en de gevonden informatie verwerken tot een werkstukje,
verslag of spreekbeurt (presentatie) waarbij tegelijkertijd vaardigheden
en technieken worden aangeleerd voor het gebruik van de benodigde
toepassingsprogramma's zoals Word, IE, e.d.
Aan
welke voorwaarden dient een klein ICT-projectje te voldoen?
- De opdracht is zo concreet en specifiek mogelijk beschreven en
geeft aan welk concreet resultaat de leerling moet realiseren.
- De opdracht is zodanig geformuleerd dat ze haalbaar is voor de
leerlingen voor wie de opdracht bedoeld is.
- Het projectje moet kortdurend zijn: snel tot een concreet en
zichtbaar resultaat leiden.
- De resultaten van het projectje moeten aan de hand van een aantal
criteria snel door de leerkracht kunnen worden beoordeeld.
- De opdracht, het onderwerp van het projectje moet de leerlingen
aanspreken.
- Tijdens het werken aan het projectje leren de leerlingen aan
aantal vaardigheden en technieken ten behoeve van het gebruik van de
gebruikte toepassingsprogramma's.
- In het projectje is vermeld waar de leerlingen de informatie die
ze nodig hebben voor het uitvoeren van de opdracht is te vinden.
- De leerlingen moeten een projectje zelfstandig kunnen maken.
Voorbeelden kleine ICT-projectjes
4 projecten "Samenwerkend leren met ICT"
Deze kleine ICT-projecten kunnen worden uitgevoerd door bijv.
leerlingen van
twee scholen of binnen de eigen groep door twee leerlingen. De
leerlingen zouden de resultaten bijvoorbeeld op een eigen website (Websitemaker
- Kennisnet) of op een weblog kunnen plaatsen.
Voorbeelden projecten
Voorbeelden kleine
ICT-projectjes
Downloaden
Plaats uw project op deze site
Beschikt u over kleine ICT-projectjes die min of
meer aan de voorwaarden
voldoen en wilt u deze delen met collega's?
Mail ze dan a.u.b. naar redactie@computersindeklas.nl
of mail de URL (adres) waar (een) dergelijke projectje(s) te vinden
zijn/is. |